Wachtwoord vergeten

Blog bericht

Christine Brouwer -Dudok de Wit 10-10-2019 Auteur: Christine Brouwer -Dudok de Wit

Christine verwondert zich: oprispingen uit de praktijk

Soms droom ik van de vrijheid. De vrijheid om mijn vak als psychotherapeut uit te kunnen oefenen naar eer en geweten en passend bij de hulpvraag van de cliënt. Helaas is dit niet hoe ik mijn dagelijkse werk ervaar.  

Selectie
Ook in onze ggz-praktijk krijgen we meer aanmeldingen binnen dan we  kunnen behandelen. We moeten selectiever zijn bij de deur. De vraag die we daarbij helaas in het achterhoofd hebben is: welke cliënten passen binnen het nog redelijk betaalde format van de zorgverzekeraar? De rest proberen we terug te verwijzen naar de huisarts. Want ook ik moet de huur, de opleidelingen en mijn secretariaat betalen. En dus dreig ik steeds meer mijn cliënten niet ‘passend bij de hulpvraag’ te behandelen, maar ‘passend bij de mogelijke vergoeding’.

Vakje
Ben ik hiervoor het vak begonnen? Om op deze manier te moeten selecteren, om eerst mijn cliënt in een vakje onder te brengen? Deze klacht zo lang? Wel of geen basis-ggz? Want wee je gebeente als je een inschattingsfout maakt. Dan moet je toch doorbehandelen in de basis-ggz. Ook al komt na sessie 6 pas iets ter sprake als seksueel misbruik. Alsof 'glazen bol- kijken' een onderdeel is van het vak.

Tweedeling
Om me heen zie ik psychotherapeuten vertrekken uit de instellingen. Hun plek wordt ingenomen door, ‘hbo-ers met een cgt aantekening’. En ja, dat is natuurlijk veel te cynisch gezegd, maar cliënten met een complexe hulpvraag moeten maar hopen dat er nog een grote instelling is waar zijn of haar problematiek vakkundig wordt behandeld. Alleen wie niet ‘te licht’ en niet ‘te zwaar’ is, kan terecht bij een kleinere specialistisch praktijk. En zie hier: een tweedeling in de zorg.

Argwaan
Hoe heeft het zover kunnen komen? Zoveel argwaan, zoveel contracten ieder jaar weer en zoveel controles. En niet eens alleen vanuit de zorgverzekeraars maar zelfs vanuit de eigen beroepsgroep: visitaties, herregistraties, KIBG, visitatie als opleidingspraktijk, de NZA met een nacontrole. Het kost allemaal zoveel geld en zoveel tijd.

Relatie
Mijn grootste frustratie zit bij de zorgverzekeraars. Wat zou ik graag een relatie van vertrouwen opbouwen. Maar net als ik dan in mevrouw X een fijne contactpersoon denk te hebben gevonden om telefonisch mee te overleggen, hoor ik dat ze helaas een andere functie heeft en moet ik met mijnheer Y weer helemaal opnieuw beginnen. Wat zou het fijn zijn als de verzekeraar zou denken ‘die partner levert al 10 jaar goede zorg, dat zit wel goed.‘ Of zou een mail zou sturen met: ‘We zien dat uw directeur niet in een Jaguar of Porsche rijdt dus we hebben besloten dat het voor uw praktijk tijd is voor een tweejarig contract.’ Want het kost niet alleen ons maar ook de verzekeraar zo veel tijd om keer op keer te bewijzen dat we te goeder trouw handelen.

Horizontaal Toezicht
Verantwoorden in de zorg moet fundamenteel anders. Dat concludeerde de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving al in mei van dit jaar in het advies ‘Blijk van vertrouwen. Anders verantwoorden voor goede zorg’. Nog niet zo lang geleden tekenden GGZ Nederland en Zorgverzekeraars Nederland een intentieverklaring voor ‘Horizontaal Toezicht’. Het plan: we moeten vooraf verantwoording afleggen, in plaats van een gedetailleerde controle achteraf. Gaat dit werken? Of is dit stiekem gewoon een extra hindernis en moeten we nu ook nog eens vooraf door een hoepel springen? (Ont)Regele de zorg, ik vind het echt een heel mooi initiatief. In de praktijk merk ik er helaas nog niet veel. 

Een beetje vertrouwen
Lieve verzekeraars, lieve Paul Blokhuis en anderen, net als mijn collega’s ben ik een gedreven zorgprofessional. Ik werk hard en ik doe mijn werk goed. Ik wil jullie best regelmatig bellen of schrijven. En ik wil ook echt wel investeren in onze relatie, dat is tenslotte mijn vak. Mag ik dan wel rekenen op een beetje vertrouwen in de toekomst? Zodat ik nog wat tijd overhoud voor de hulpvraag van mijn cliënten om wie het eigenlijk allemaal te doen was?

Christine Brouwer-Dudok de Wit is klinisch psycholoog-psychotherapeut. Christine heeft samen met drie maten een groepspraktijk en is bestuurslid van de NVP.
Deze columns ‘
Christine verwondert zich: oprispingen uit de praktijk’ schrijft zij op eigen titel.  


« Terug naar overzicht